Blog

Spiercontracties: wat zijn dat?

Beweging wordt veroorzaakt door spieractiviteit. De zenuwen kunnen de spieren aansturen waardoor deze zich kunnen aanspannen. Door de spier aan te spannen, wordt hij korter. Dit wordt een spiercontractie genoemd.

Spieren zijn over het algemeen verbonden met twee of meerdere verschillende botten waarop zij zich aanhechten. Het middenrif en de kringspieren zijn hierop een uitzondering. De aanhechtingspunten van de spieren op de botten noemen we origo en insertie. Origo is het beginpunt van de spier en bevindt zich meestal het dichtst bij het hart. Insertie is het eindpunt van de spier.

Een voorbeeld: de musculus Gastrocnemius (de lange kuitspier) heeft zijn origo op de Os Femur (bovenbeen), aan de mediale en laterale kant. Mediaal betekent midden en lateraal betekent zijkant. Hij bevindt zich aan de achterkant van het bot. De insertie van deze spier bevindt zich op de achillespees van de Os Calcaneus (hielbeen). De functie van de Gastrocnemius is plantairflexie in de enkel (op de tenen staan) en flexie in de knie (buigen).

De m. Gastrocnemius met origo, insertie en functie

Hoe werkt het?
Het zenuwstelsel en het spierstelsel werken zeer nauw samen en kunnen niet zonder elkaar. Vanuit de hersenen wordt er door de zenuwbanen een signaal (prikkel) naar de zenuw gestuurd die de desbetreffende spier aanstuurt. In je spieren bevindt zich van alles, waaronder filamenten. Filamenten kun je zien als een soort streepjes. Er zijn myosinefilamenten en actinefilamenten. Myosine en actine zijn twee eiwitten. Ze kunnen ten opzichte van elkaar bewegen en zorgen daarmee voor beweging.

Wanneer de prikkel de actine- en myosinefilamenten bereikt, hechten de myosinefilamenten aan de actinefilamenten en schuiven ze als het ware in elkaar. Hierdoor wordt de spier korter en dat wordt spiercontractie genoemd.

Soorten spiercontracties
Er zijn vier soorten contracties (= aanspanningsvormen). Spieren moeten aanspannen om te kunnen bewegen.

  • Concentrisch

Eén van de meest bekende contracties is de concentrische contractie. Bij deze contractie wordt de spier korter: als de spier aanspant, komen begin- en eindpunt naar elkaar toe. Denk aan het omhoog brengen van het gewicht tijdens een Bicep Curl.

  • Excentrisch

Bij een excentrische contractie gebeurt het tegenovergestelde: de spier wordt langer. Begin- en eindpunt bewegen van elkaar af. Hierbij blijft de spier onder spanning staan en dit staat bekend als “negatief trainen”. Dat betekent niet dat je slecht traint, maar dat je de spier traint terwijl hij langer wordt. Dit gebeurt tijdens het laten zakken van het gewicht bij een Bicep Curl.

  • Isometrisch

Een isometrische contractie is een statische contractie. De spier blijft op gelijke lengte tijdens het trainen. De spier wordt op lengte gebracht en voor bepaalde tijd vastgehouden.

De Bicep Curl: concentrisch, excentrisch en isometrisch
  •  Dynamisch

Bij een dynamische contractie verandert de lengte van de spier: de spier wordt constant langer en korter. Training gebeurt door middel van herhaling. Een voorbeeld van dynamische contractie is hardlopen.

Door te trainen met verschillende soorten contracties kun je zorgen voor afwisseling in je training. Daarnaast spelen de soorten contracties een belangrijke rol in het bereiken van je fitness-gerelateerde doelen.

Wil je meer weten over de besproken onderwerpen? Neem dan gerust contact met me op 😉

Reacties uitgeschakeld voor Spiercontracties: wat zijn dat?

Personal Trainer en coach met de ambitie om onzekerheid de wereld uit te helpen

%d bloggers liken dit: